Meer
Publicatiedatum: 09-10-2019

Inhoud

Programma onderdelen

5. Programma Omzien Naar Elkaar

Inleiding

Tekst Begroting 2018:

"In het Beleidsplan Omzien Naar Elkaar zijn de kaders gesteld voor het programma. Wij willen bewerkstelligen dat elke inwoner in staat is om zo lang en zo veel mogelijk zelfredzaam te zijn. Wij hechten veel waarde aan het welzijn van onze inwoners. We willen dat alle inwoners op een zo volwaardig mogelijke manier meedoen aan de samenleving. Inwoners moeten eigen regie over hun huishouding kunnen voeren, een sociaal netwerk kunnen onderhouden en kunnen deelnemen aan de samenleving. Hierbij staat de eigen kracht van inwoners centraal en verandert de rol van de gemeente van ‘zorgen voor’ naar ’zorgen dat’. We onderscheiden drie niveaus van hulp en zorg in ons programma.

 

Het programma Omzien Naar Elkaar heeft drie thema’s ontwikkeld die hierop inspelen:

  • Zelf
  • Samen
  • Overdragen"

Thema Zelf

Inleiding

Tekst Begroting 2018:

"Wij zetten binnen dit thema in op het versterken en behouden van zelfredzaamheid en 'samenredzaamheid'. Wij zetten stevig in op eigen kracht en omzien naar elkaar. Eigen kracht betekent dat inwoners zelf de regie nemen over hun leven en zelf verantwoordelijk zijn voor hun eigen ontplooiing. Eigen kracht betekent niet dat iedereen op zichzelf is aangewezen, maar dat we het potentieel dat in iedereen zit, graag willen benutten. Het betekent ook dat we samen verantwoordelijk zijn en omzien naar elkaar. Wat de één niet kan, kan een ander wel en andersom. Een goed voorbeeld is burenhulp. Of zoals we in Twente zeggen: noaberschap. Iets wat in onze gemeente een groot goed is. Wij willen de eigen kracht en regie van de inwoner en zijn sociale omgeving zoals familie, buren, mantelzorgers, vrijwilligers, scholen, verenigingen en welzijnsinstellingen gaan benutten.

 

Wat willen we bereiken?

Het volgende ideaaldoel streven wij na:

  • Eigen kracht behouden en zo mogelijk versterken en de inzet hiervan bevorderen"

Toelichting

Eigen kracht behouden en zo mogelijk versterken en de inzet hiervan bevorderen

Tekst Begroting 2018:

"Wij zetten actief in op het versterken en vergroten van het zelf organiserend vermogen van inwoners en kernen binnen de gemeente."

Overzicht baten en lasten

(bedragen x €1.000)

Raming begrotingsjaar voor wijziging

Raming begrotingsjaar na wijziging

Realisatie begrotingsjaar

Verschil realisatie versus begroting na wijziging

Baten 300 250 212 -38
Lasten -4 -4 3 1
Gerealiseerd totaal saldo van baten en lasten 296 246 209 -37
Onttrekkingen aan reserves 0 0 0 0
Toevoegingen aan reserves 0 0 0 0
Gerealiseerde totaal resultaat van baten en lasten 296 246 209 -37

Een analyse op hoofdlijnen met betrekking tot de verschillen tussen de gerealiseerde bedragen en de begrote bedragen na wijziging wordt weergegeven onder het thema 'Overdragen'. 

 

 

Een gedetailleerde toelichting op de verschillen tussen gerealiseerde bedrag en begrote bedragen na wijziging is te vinden in de Jaarrekening 2018 onder 'Toelichting en analyse op de baten en lasten'.

Overzicht beleidsindicatoren

Voor het thema 'Zelf' maken we geen gebruik van indicatoren.

Thema Samen

Inleiding

Tekst Begroting 2018:

"Wij zetten binnen dit thema in op het bieden van (tijdelijke) ondersteuning om zo snel mogelijk en zo veel mogelijk zelfstandig deel te nemen aan de samenleving.

 

 Op sommige momenten lukt het inwoners niet (volledig) op eigen kracht. Dan is ondersteuning nodig. Wij zien die ondersteuning als een duwtje in de goede richting, zodat mensen hun eigen kracht hervinden of kunnen versterken. Maatwerk is daarbij van belang.

 

Wat willen we bereiken?

Wij streven voor de komende periode het volgende ideaaldoel na:

  • Vraaggerichter vormgeven van vrij toegankelijke individuele voorzieningen en (daarmee) de doelmatigheid vergroten"

Toelichting

Aandacht voor vraaggerichter vormgeven van vrij toegankelijke voorzieningen en (daarmee) de doelmatigheid vergroten

Tekst Begroting 2018:

"Wij zetten actief in om vraag- en gebiedsgericht werken: de inwoners staan centraal. Er wordt een werkwijze ontwikkeld waarin inwoners en professionals in coproductie vrij toegankelijke voorzieningen ontwikkelen en aanbieden."

Overzicht baten en lasten

(bedragen x €1.000)

Raming begrotingsjaar voor wijziging

Raming begrotingsjaar na wijziging

Realisatie begrotingsjaar

Verschil realisatie versus begroting na wijziging

Baten 2.098 2.729 2.808 79
Lasten -9.277 -9.828 9.503 325
Gerealiseerd totaal saldo van baten en lasten -7.179 -7.099 -6.695 404
Onttrekkingen aan reserves 0 90 90 0
Toevoegingen aan reserves 0 0 0 0
Gerealiseerde totaal resultaat van baten en lasten -7.179 -7.009 -6.605 404

Een analyse op hoofdlijnen met betrekking tot de verschillen tussen de gerealiseerde bedragen en de begrote bedragen na wijziging wordt weergegeven onder het thema 'Overdragen'. 

 

 

Een gedetailleerde toelichting op de verschillen tussen gerealiseerde bedrag en begrote bedragen na wijziging is te vinden in de Jaarrekening 2018 onder 'Toelichting en analyse op de baten en lasten'.

Overzicht beleidsindicatoren

Voor het thema 'Samen' maken we geen gebruik van indicatoren.

Thema Overdragen

Inleiding

Tekst Begroting 2018:

"Binnen dit thema zetten we in op bieden van (doorgaans specialistische) ondersteuning om zo goed mogelijk deel te nemen aan de samenleving.

 

 Voor inwoners of gezinnen die het echt zelf niet redden blijft langdurige en/of specialistische ondersteuning beschikbaar. Integrale aanpak, maatwerk en ondersteunend aan ‘zelf’ en ’samen’ zijn hierbij voor ons leidend. Door meer in te zetten op preventie moet het beroep op de langdurige en/of specialistische ondersteuning verminderen."

Toelichting

Afhankelijkheid van niet vrij toegankelijke ondersteuning verminderen door de regie over het leven te vergroten

Tekst Begroting 2018:

"Vergroten van de verschuiving van niet vrij toegankelijke voorzieningen naar vrij toegankelijke voorzieningen en eigen kracht."

Overzicht baten en lasten

(bedragen x €1.000)

Raming begrotingsjaar voor wijziging

Raming begrotingsjaar na wijziging

Realisatie begrotingsjaar

Verschil realisatie versus begroting na wijziging

Baten 120 98 124 26
Lasten -6.665 -8.896 9.255 -359
Gerealiseerd totaal saldo van baten en lasten -6.545 -8.798 -9.132 -333
Onttrekkingen aan reserves 150 393 393 0
Toevoegingen aan reserves 0 0 0 0
Gerealiseerde totaal resultaat van baten en lasten -6.395 -8.405 -8.738 -333

Hieronder wordt op hoofdlijnen aangegeven hoe de verschillen tussen de gerealiseerde bedragen en de begrote bedragen na wijziging zijn ontstaan.

Eigen bijdrage Wmo (€ 38.000 nadeel)

De raming van de inkomsten vanuit de eigen bijdrage Wmo voor 2018 was € 250.000, de werkelijke inkomsten uit de eigen bijdrage in het boekjaar 2018 zijn € 212.000. Dit betekent een nadelig verschil van € 38.000.

 

Huishoudelijke ondersteuning  €23.000 voordeel

Voor 2018 zijn we uitgegaan van een gemiddeld aantal indicaties van 508 en een totaal bedrag van € 1.525.000. Het verloop van het aantal cliënten is in 2018 als volgt geweest:

 

Cliëntenaantal HO

1-1-2018

31-3-2018

30-6-2018

30-9-2018

31-12-2018

Totaal

521

506

518

512

515

 

Het gemiddelde aantal cliënten is gedurende 2018 514 geweest. De werkelijke kosten komen uit op €1.502.000 (waarvan €18.000 betrekking heeft op 2017) en kunnen als volgt gespecificeerd worden:

 

Huishoudelijke ondersteuning

Werkelijke kosten 2018 (bedragen x €1.000)

- Zorg in natura

1.359

- Persoonsgebonden budget

98

- Was- en strijkservice

27

- Overige kosten

18

 

1.502

De totale waarde van de afgegeven indicaties bedraagt € 1.527.000, het verzilveringspercentage is 94%.

 

De tarieven huishoudelijke ondersteuning zijn voor 2018 met terugwerkende kracht gecompenseerd met 3,25% in verband met de loonontwikkelingen in 2018. Met deze compensatie hebben we in de begroting rekening gehouden.

 

We zijn hierbij op basis van de Algemene Maatregel van Bestuur reële prijs Wmo 2015 (AMvB) gehouden aan het betalen van een reële prijs voor Wmo-diensten. Voor de huishoudelijke ondersteuning is per 1 april 2018 een nieuwe cao in werking getreden die meerdere loonontwikkelingen kent. De cao heeft een verplichtend karakter binnen de AMvB en onze contracten waardoor we nieuwe reële tarieven dienen te hanteren. We zijn daarom over gegaan tot compensatie van aanbieders HO voor de loonontwikkelingen in 2018. Ten opzichte van de raming in 2018 zijn de werkelijke kosten € 23.000 lager uitgevallen.

 

Huisvesting en begeleiding statushouders (€ 29.000 voordeel)

Voor de huisvesting en begeleiding van statushouders hebben we in de begroting een stelpost opgenomen. Dit met als reden dat de toestroom van statushouders in de afgelopen jaren heeft geleid tot meer druk op een aantal gemeentelijke voorzieningen. In 2018 zijn de verschillende uitgaven verwerkt in de reguliere budgetten en is daarnaast nog een stelpost geraamd van € 150.000. Bij het opstellen van de begroting hebben we reeds aangegeven dat deze stelpost gefaseerd naar beneden kan worden bijgesteld. Deze gefaseerde neerwaartse bijstelling heeft te maken met de extra inzet die we plegen om de nieuwe inwoners zo snel en zo goed mogelijk te laten integreren in onze gemeente. Gedurende 2018 is hiervan € 58.000 ingezet ter dekking van de stijgende kosten van het leerlingenvervoer. Daarnaast is € 72.000 uitgegeven aan de huisvesting en begeleiding van statushouders. Voor de overige € 29.000 is er geen gebruik gemaakt van deze stelpost.

 

Participatie en re-integratie (€ 35.000 voordeel)

Het voordeel op de post re-integratie heeft een tweetal oorzaken. Enerzijds wordt het voordeel veroorzaakt door het lager uitvallen van de salariskosten van één WIW-er (Wet Inschakeling Werkzoekenden) i.v.m. ziekte. Daarnaast zorgt de afrekening van eerdere jaren voor een voordeel. 

 

Wmo ondersteuning zelfstandig leven (OZL) (€ 127.000 voordeel)

In totaal is voor 2018 een bedrag opgenomen van € 787.000 voor OZL, uitgaande van 103 indicaties met een gemiddelde van 3,5 uur per indicatie per week en een verzilveringspercentage van 95%. 

Het verloop van het aantal indicaties en de gemiddelde hoogte van de indicatie is als volgt geweest in 2018:

 

OZL

1-1-2018

31-3-2018

30-6-2018

30-9-2018

31-12-2018

Aantal uitstaande indicaties

105

103

101

103

103

Gemiddelde indicatie

3,5

3,5

3,5

3,6

3,4


De werkelijke kosten in 2018 bedragen € 660.000 (waarvan € 11.000 2017).Het gemiddelde aantal indicaties is in 2018 103 geweest met een gemiddelde indicatie van 3,5 uur per indicatie per week. De totale waarde van de afgegeven indicaties bedraagt € 871.000, het verzilveringspercentage is 74%.

 

OMD vervoer (Wmo en Jeugdwet) (€ 23.000 voordeel)

Het vervoer van en naar de dagopvang is m.i.v. 2018 aanbesteed bij een professionele vervoerder en wordt niet meer door zorginstellingen zelf geregeld. Voor dit vervoer zijn we uitgegaan van een totale last van € 201.000. De werkelijke kosten bedragen € 178.000, dit betekent een voordelig verschil van € 23.000. Dit verschil wordt veroorzaakt door een te hoge raming van de kosten. De gemiddelde kosten per maand zijn ca. € 15.000. Het verloop van het aantal indicaties OMD-vervoer is als volgt geweest in 2018:

OMD-vervoer

1-1-2018

31-3-2018

30-6-2018

30-9-2018

31-12-2018

Aantal uitstaande indicaties

79

86

93

101

96

Jeugdzorg (€ 595.000 nadeel) 

Voor de nieuwe taken op het gebied van jeugdzorg is voor 2018 een raming opgenomen van in totaal € 3.877.000. De werkelijke kosten over 2018 zijn € 4.472.000. Dit betekent een nadeel van € 595.000.

De werkelijke kosten met betrekking tot de nieuwe taken kunnen als volgt gespecificeerd worden:

Jeugdzorg in Tubbergen 2018

Werkelijke kosten (bedragen x € 1.000)

Verschil met begroting (bedragen x € 1.000)

Zorgconsumptie 2018

3.763

 

Bijdrage Regio Twente 2018

160

 

Nog te betalen 2018

150

 

Zorgconsumptie 2018

4.073

-196

Uitgaven m.b.t. 2015

10

 

Uitgaven m.b.t 2016

66

 

Uitgaven m.b.t. 2017

323

 

 

399

 

Totaal

4.472

-595

Verschil begroting en jaarrekening

In 2018 hebben wij in totaal € 4.472.000 uitgegeven aan jeugdzorg (nieuwe taken). De uitgaven bestaan normaal gesproken uit drie componenten, namelijk de daadwerkelijk uitgekeerde zorggelden in 2018 met betrekking tot 2018, kosten die gemaakt worden door de Regio Twente (OZJT/Samen 14) en een post nog te verwachten betalingen van zorgdeclaraties over het jaar 2018. Deze declaraties zullen in 2019 volgen. Echter zijn we in 2018 geconfronteerd met extra uitgaven van zorg die nog betrekking hadden op de reeds afgesloten boekjaren 2015, 2016 en 2017. Dit totale bedrag van € 399.000 verhoogt het nadelig resultaat naar € 595.000.

 

Zorg in natura en persoonsgebonden budget

De voorzieningen worden geleverd door zorg in natura zorgaanbieders of door zorgaanbieders gefinancierd  met behulp van een persoonsgebonden budget (PGB). Het beschikbaar stellen van de PGB verloopt via de sociale verzekeringsbank (SVB). Voor de voorzieningen voor de jeugdzorg geldt geen eigen bijdrage. Dit is wettelijk bepaald. Van de uitgaven met betrekking tot 2018 is 10% uitgekeerd in de vorm van PGB en 90% in de vorm van zorg in natura.

 

Bijstandsuitkeringen (€ 93.000 voordeel)

Het voordeel op de post bijstand is het gevolg van dalende cliënten aantallen gedurende het jaar 2018 en een lagere uitkeringslast per cliënt. De raming is gebaseerd op gemiddeld 145 cliënten met een uitkeringslast van € 14.450, het werkelijke gemiddelde cliëntenaantal is 142 met een gemiddelde uitkeringslast van ca. € 13.575. Daarentegen zijn de loonkostensubsidies met betrekking tot de garantiebanen en medewerkers nieuw beschut gestegen.

 

Zie onderstaande tabel voor een specificatie van de uitgaven en inkomsten in 2018:

Bijstandsuitkeringen

(bedragen x €1.000)

Rijksvergoeding BUIG

-2.371

Uitkeringen WWB, IOAW en IOAZ

1.967

Loonkostensubsidies

244

Inleenvergoedingen

-12

Incidentele last vordering op bijstandscliënten

38

Totaal

-172

Besluit bijstandverlening zelfstandigen (Bbz) (€92.000 voordeel)

Het voordeel op de post Besluit bijstandverlening zelfstandigen wordt vooral veroorzaakt doordat per balansdatum de vorderingen Bbz zijn geactualiseerd en beoordeeld op invorderbaarheid, dit heeft geresulteerd in een eenmalige bate van € 80.000. Het overige voordeel wordt veroorzaakt door een lagere last met betrekking tot de verstrekking van bedrijfskapitaal en leningen ten behoeve van levensonderhoud en een lagere ontvangst van rente en aflossing ten opzichte van de ramingen.

 

Sociale werkvoorziening (€ 225.000 voordeel)

Het voordeel op de post Sociale werkvoorziening wordt veroorzaakt door een hoeveelheidsverschil in het aantal arbeidsjaren (AJ). De term arbeidsjaar geeft de subsidie-eenheid aan die gekoppeld is aan een FTE Wsw, waarop mede de hoogte van het Wsw-deel in de rijksvergoeding wordt gebaseerd. Deze rijksvergoeding is in 2018 gebaseerd op 91,61 AJ met een bedrag van € 25.248 per AJ (meicirculaire 2018). De werkelijke realisatie in 2018 door SOWECO is 83,92 AJ. Gedurende 2018 heeft een afname plaatsgevonden in het aantal AJ van 4,79, deze afname wordt met name veroorzaakt door overlijden en het bereiken van de AOW-leeftijd.

 

Heroriëntatie vrij toegankelijke voorzieningen (€ 29.000 voordeel) 

De kosten voor de heroriëntatie van vrij toegankelijke voorzieningen zijn begroot op € 776.000. De werkelijke kosten zijn in 2018 € 747.000. Een voordelig verschil van € 29.000 ten opzichte van de begroting 2018. In de aanloop naar een nog meer integrale toegang van het sociale domein zijn geplande investeringen en subsidies die hieraan zijn gekoppeld uitgesteld naar 2019 en verder waardoor er over 2018 nog een voordelig resultaat is behaald. Er is gestart met het opstellen van een gezamenlijke visie (tussen Wij in de Buurt, het Werkplein en de gemeente)  en het toewerken naar één toegang, zodat voor onze inwoners helder is waar zij passende hulp en ondersteuning kunnen krijgen. Hier wordt in 2019 volop op ingezet.

 

Toegankelijkheid gebouwen (€ 25.000 voordeel)

Er is € 25.000 beschikbaar gesteld voor het plan van aanpak toegankelijkheid gebouwen. Binnen de transformatieagenda voor het sociaal domein wordt in 2019 prioriteit gegeven aan de transformatie en de interventies die nodig zijn om de kwaliteit van de ondersteuning en zorg naar onze inwoners te verbeteren en de inkomsten en uitgaven binnen het sociaal domein meer met elkaar in evenwicht te brengen. Om die reden zal een onderzoek naar de toegankelijkheid prioriteit krijgen in 2019 (Q4). Voorgesteld wordt om het resterende budget over te hevelen naar 2019, zie ook het voorstel voor budgetoverheveling.

 

Leerlingenvervoer (€ 72.000 nadeel)

Voor de kosten van het vervoer van leerlingen minus de bijdrage van ouders zijn we uitgegaan van € 589.000, de werkelijke kosten over 2018 bedragen € 661.000 en kunnen als volgt gespecificeerd worden:

Leerlingenvervoer

Werkelijke kosten 2018 (bedragen x €1.000)

- schoolvervoer

530

- individueel vervoer

125

- vergoeding eigen vervoer

11

- bijdrage ouders

-5

Totale kosten leerlingenvervoer

661

Onze plattelandsgemeente kent diverse zorgboerderijen waar cliënten voor langere tijd wonen; waaronder ook leerplichtige kinderen. Het merendeel van deze kinderen gaat met het leerlingenvervoer naar het speciaal onderwijs. Dit is onderwijs dat we niet binnen onze gemeentegrens hebben. Dit vervoer gaat over grotere afstanden (bijv. Hengelo, Enschede) en dit betekent dus ook hogere vervoerskosten.

 

De overschrijding wordt met name veroorzaakt door de stijging van de kosten van het aantal leerlingen dat individueel vervoerd moet worden (zwaardere problematiek en/of gevaar voor zichzelf of zijn/haar omgeving). De gemiddelde kosten van dit vervoer zijn in de laatste maanden van het jaar 2018 verdubbeld van € 8.000 per maand naar € 16.000 per maand.

 

Het aantal deelnemers aan het project 'Samen reizen met…' valt tegen. Voor het leren reizen met het openbaar vervoer zijn vrijwilligers nodig die de leerling(en) begeleiden tot ze zelfstandig met het OV kunnen reizen; naar school, sport, etc. Echter is er ondanks herhaalde oproepen een tekort aan vrijwilligers. In de gemeente Tubbergen heeft één leerling het traject afgerond en kan nu zelfstandig met het openbaar vervoer naar school reizen.

 

M.i.v. het schooljaar 2017-2018 kan aan ouders van kinderen in het leerlingenvervoer éénmalig een tegemoetkoming in de kosten van de aanschaf van een e-bike voor hun zoon/dochter worden verstrekt. Vanaf zestien jaar wordt dit als een algemene voorziening gezien en vervalt deze bijdrage. In 2018 is twee keer een tegemoetkoming in de kosten van de aanschaf van een e-bike verstrekt. Deze jongeren maken nu dus geen gebruik meer van de voorziening leerlingenvervoer.

 

 

Een gedetailleerde toelichting op de verschillen tussen gerealiseerde bedrag en begrote bedragen na wijziging is te vinden in de Jaarrekening 2018 onder 'Toelichting en analyse op de baten en lasten'.

Overzicht beleidsindicatoren

Voor het thema 'Overdragen' maken  we gebruik van de volgende indicatoren.

Indicatoren Eenheid Waarde
Absoluut verzuim Aantal per 1.000 leerlingen 0
Banen Aantal per 1.000 inwoners in de leeftijd van 15 t/m 64 jaar 552
Jongeren met een delict voor de rechter Percentage 12 t/m 21 jarigen 0,24
Kinderen in een uitkeringsgezin Percentage kinderen tot 18 jaar 1,2
Netto arbeidsparticipatie Percentage van de werkzame beroepsbevolking ten opzichte van de beroepsbevolking 70,6
Werkloze jongeren Percentage 16 t/m 22-jarigen 0,5
Personen met een bijstandsuitkering Aantal per 1.000 inwoners 10,9
Lopende re-integratievoorzieningen Aantal per 1.000 inwoners in de leeftijd van 15 t/m 64 jaar 10,7
Jongeren met jeugdhulp Percentage van alle jongeren tot 18 jaar 5,2
Jongeren met jeugdbescherming Percentage van alle jongeren tot 18 jaar 1,2
Jongeren met jeugdreclassering Percentage van alle jongeren van 12 tot 23 jaar NNB
Cliënten met een maatwerkarrangement Wmo Aantal per 1.000 inwoners 60